Image 01 Image 02 Image 03 Image 04 Image 05 Image 06 Image 07
Sage
Vinkt

De Duitse Schaper

Bokkenrijder

In het begin van de 16e eeuw woonde op een schapenboerderij in Vinkt (deelgemeente van Deinze) een Duitse schaper. Nog nooit had iemand voor hem gewassen of zijn kledij versteld en toch was hij altijd kraaknet gekleed. Dit gaf bij de andere knechten en dienstmeiden op de hoeve aanleiding tot praatjes en veronderstellingen.

Op een zaterdagavond, had een dienstknecht zich op de loer gelegd. Wat ziet hij? Komt daar uit de schapenstal geen reuzengrote ram tevoorschijn. Gezwind als de wind, bestijgt de schaper de ram en spreekt op gebiedende toon: "Over al en door al". Daarop klieft de ram met een sprong door het luchtruim zoals een vogel.

's Zondagsmorgens was de schaper opnieuw in zijn schapenstal. De dienstknecht die dit alles gezien had, kon niet nalaten de schaper recht op de man af te vragen, wat hij deed. Deze beloofde de knecht, indien hij kon zwijgen, een reis te laten meemaken.

Een veertiental dagen later waarschuwde de schaper de knecht zich 's avonds klaar te houden, zonder iemand op de hoogte te brengen. Toen iedereen onder de wol lag, sloop de knecht uit zijn kamer weg en trok naar de schaper in de stal. Hij werd nog eens het zwijgen opgelegd en dan trokken ze beiden naar buiten.

Er stonden daar twee rammen op hen te wachten. Ze bestegen elk een ram en de schaper gebood: "Over al en door al!" en als de wind vlogen de rammen in de richting van Duitsland.

Ze kwamen al vlug aan de Rijn en daar gebood de schaper opnieuw: "Over al en door al!" Met een sprong stonden ze op de andere oever, waarop de knecht zei: "Wat een duivel van een sprong." Meteen was de ram onder hem verdwenen en de knecht was verplicht te voet van de Rijn naar Vinkt weer te keren.

Bron: 

2000, TONY VANHEE, Verteld langs Oost-Vlaamse Leiekant

Printvriendelijke versie

© 2018 Filip Gybels